Wat u moet weten over adoptie en klagen

 


Wat u moet weten over adoptie en klagen
  Home
  Info
  Archieven
  Gastenboek
  Contact

 
Links
  Handleidingen voor ouders en advocaten om misstanden rond uw kind bij BJZ aan te kunnen, e.a.. Belangrijk; wordt regelmatig vernieuwd!
  Let op gevaren van Jeugdzorg: klik op foto op die SDN-site
  DRAMA met adoptie Meiling-India
  De Knoop is een vereniging met kennis over GBS en hechtingsstoornissen
  Hechtingsstoornissen en GBS
  Vul de enquête in voor beter beleid bij adoptie-zorg
  OverSchatten
  LOGA bij adoptie-problematiek
  Adoptieouders
  Alles over adopteren, een link-site
  Meld foute behandeling adoptiezorg aan inspectie


http://20six.nl/adoptie-klachtrecht

mogelijk gemaakt door
20six.nl



 
Inhoud Adoptie-klachtrecht:

Op deze site staan slechts een paar hoofdstukken:
- Klachtrecht rond adoptie
- Procedure Adoptie-klachtrecht
- Deel van Scriptie: Verantwoordelijkheid Adoptiebemiddelaars De scriptie is in zijn geheel op te vragen via de mai.l . t.strubbe(ape-staart}wana>doo.nl -- > .
We werken aan een cliënt-vriendelijker beleid. Zeker ook waar adoptiezorg door adoptiegezinnen gevraagd wordt.
"Jeugdzorg" is niet gelijk aan gezondheidszorg, met andere rechten; vergis u niet! Mijdt Bureaus Jeugdzorg; ga liever naar een gespecialiseerd adoptie-hulpverlener, zoals BasicTrust.com of gespecialiseerde psychiater, die onder z'n beroepscode valt!
Zie de link naar LOGA, De Knoop en LAVA: 'Adoptieouders' {goed voor beleidsverbeteringen; wordt lid!}!  
Ook de site van SDN is een concrete en gedocumenteerde waarschuwing tegen jeugdzorg-bureaus)
------  
Voor klacht-waardige toestand met Bureau Jeugdzorg : zie link: Hulp bij BJz-indicaties  en link: Verweer tegen BJz-indicaties > Voor recentste handleidingen: zie hieronder de Handleiding !!!     
------ :
Handleiding: http://dl.dropbox.com/u/3224280/Videos%20%2B%20media%20links%20jeugdzorg.pdf !!Handleiding HIER
15.11.11 14:36


Adoptie Klachtrecht

Klachtenrecht interlandelijke adoptie

Er bestaat een zogeheten onafhankelijke klachten(advies)commissie vergunninghouders interlandelijke adoptie (=KVIA). Weet dat de soms aangeboden bemiddelingsfase niet verplicht is; en u mag daarna alsnog (verder-) klagen! Echter houdt het beperkende éénjaar-termijn in de gaten waarbinnen u mag klagen; klaag op tijd! Zorg dat u een eventueel uitstel vanwege bemiddeling op schrift, zwart op wit, hebt om te bewijzen dat u dan pro forma al (op tijd) een klacht indiende.

De klachtenprocedure gaat geheel conform de Algemene wet bestuursrecht (Awb), hoofdstuk 9 (artikelen :1–16). De adoptiebemiddelaars dienen hun cliënten bij inschrijving bekendheid te geven van het bestaan van de klachtenregeling en zo nodig nógmaals bij het ontvangen van een klacht(signaal). Ook staat deze regeling open voor zelfdoeners.

De klacht moet aan enige eisen voldoen:

Men dient een klacht in met naam en adres, met dag- en hand-tekening en vermeldt tegen wie (of welke bemiddelaar) de klacht gericht is (Awb 9:4). Omschrijf goed gemotiveerd de klacht (laat het nalezen door een ander!), adresseer aan: KVIA (KlachtenadviesCommissie Vergunninghouders Interlandelijke Adoptie, Postbus 95, 8530 AB Lemmer, www.kvia.nl). Zet bovenin de brief "KLACHT" .

Het is raadzaam een copie met daarboven vermeld "Melding" te zenden aan: de toezichthouder: dus -met woorden- zoals “Melding” aan: Inspectie Jeugdzorg, Postbus 483, 3500 AL Utrecht, ter informatie (als Melding, wat ook aan een adoptieouder­vereniging mag). (Houd zelf voor het overzicht -voor later- een dagboek bij en schrijf alle contacten en telefoontjes op.) Behoud zelf een afschrift met alle bijlagen (in een map).

Ook is het raadzaam de klacht te splitsen in genummerde klachtonderdelen.

De vergunninghouder dient de klacht niet intern te behandelen, maar door te sturen naar de KVIA.

De vergunninghouder kan een klacht 'niet-ontvankelijk' verklaren en moeilijk doen wanneer de klager niet duidelijk maakt dat zijn klacht 'niet aan de mitsen van de wet' (Awb 9:8 mèt Memorie van Toelichting) voldoet:

Die 'mitsen' tot het mogelijk niet-ontvankelijk verklaren door de bemiddelaar is een klacht die betrekking heeft op een gedraging:

1. waarover reeds eerder een klacht is ingediend die met inachtneming van artikel 9:4 Awb en volgende is behandeld. Volgens de MvT Awb 9:8, lid 1a/b, mag opnieuw geklaagd worden indien níeuw materiaal een nieuw licht werpt op de gedraging;

2. die langer dan één jaar voor de indiening van de klacht heeft plaatsgevonden. Indien een gedraging pas later merkbaar effect heeft en de klager zo spoedig mogelijk actie heeft ondernomen, kan echter een afwijking van de één-jaar-termijn in de rede liggen[1] {Dikwijls beloont een adoptiebemiddelaar dan toch het behandelen van de klacht niet. Dit dient deze gemotiveerd te doen.};

3. waartegen door de klager (direct) bezwaar gemaakt had kunnen worden;

4. waartegen door de klager beroep kan of kon worden ingesteld {dus na een rechtszaak of bezwaarschrift};

5. die door het instellen van een procedure aan het oordeel van een andere rechterlijke instantie dan een administratieve rechter onderworpen is, dan wel onderworpen is geweest of;

6. zolang ter zake daarvan een opsporingsonderzoek op bevel van de officier van justitie of een vervolging gaande is, dan wel indien de gedraging deel uitmaakt van de opsporing of vervolging van een strafbaar feit en ter zake van dat feit een opsporingsonderzoekÂ… of vervolging gaande is {dus niet parallel met een lopende rechtszaak klagen};

7. het belang van de klager of het gewicht van de gedraging kennelijk onvoldoende is {ook een leuke}.

Dus motiveer uw belang ‘uitvoerig’!

Men behoort binnen twee weken na ontvangst door de vergunninghouder schriftelijk een ont­vangst­be­vestiging te krijgen; controleer deze termijn en schrijf anders aangetekend nogmaals en dan zeker ook naar de KVIA! Wanneer een vergunninghouder de klacht niet-ontvankelijk verklaart, moet ze dit binnen 4 weken gemotiveerd doen. Wanneer de vergunninghouder zich niet stoort aan de MvT bij Awb 9:8 dan dit ons en de Inspectie Jeugdzorg laten weten, kort maar duidelijk beargumenteerd. Daarmee maakt u een Melding, waarmee het beleid beïnvloed kan worden.
Klagen kost vaak veel energie en het effect is regelmatig betreurenswaardig, op een excuusje na, waarmee niets verder verandert. Met Melden wordt ten minste een signaal gegeven, waarmee het beleid mogelijk verbetert.

Procedure Klachtenadviescommissie

De klachtenadviescommissie KVIA hoort eerst de klager en daarna degene op wiens gedraging de klacht betrekking heeft, alhoewel een hoorzitting tegelijkertijd beter is. (U mag dit vragen.) De klager mag klacht- en/of andere deskundigen meenemen.

Van deze gescheiden hoorzittingen wordt verslag gemaakt, waarop zeer beperkt (b.v. onjuiste feiten vermeld) nog gereageerd kan worden, maar of deze meegewogen worden moet de klager afwachten, en wel alert reageren.

Een nadeel van deze klachtenregeling is dat de klager de verdraaiingen en verhullende suggesties van de aangeklaagde, de vergunninghouder, niet ad hoc meer kan tegenspreken. De aangeklaagde, de bemiddelaar, heeft het laatste woord. Wees dus compleet en goed motiverend, gebruik citaten bij waarop gereageerd wordt, en wees bedacht op uitvluchten!

Een reactie op het verslag is in de praktijk beperkt mogelijk – een doofpotsuggestie van de aangeklaagde kan schriftelijk niet op dezelfde plaats ontkracht worden. De lezer van de verslagen ('t commissielid) kan zo een vooroordeel opdoen, dat niet meer door een schriftelijke reactie van u als aanhangsel kan worden weggenomen. Deze werkwijze is derhalve minder effectief dan een gelijk­tij­dige, gezamenlijke hoor- en wederhoor-zitting conform het klachtrecht. De hopeloze jeugdzorg kent dit. Daar kan dus tijdens de hoorzitting direct 'ingebroken' worden op 'verdraaiing' door de aangeklaagde met een correctieve opmerking, door middel van het aandragen met evt. bewijsmateriaal of wetenschappelijke onderbouwing. Op dit punt dient het beleid bij adoptieklachtrecht ook verbeterd te worden.

De klachtencommissie zendt een rapport van bevindingen met een advies en/of evt. aanbevelingen naar de vergunninghouder. Binnen tien tot veertien weken na indiening van de klacht mag de vergunninghouder aan de hand van deze rapportage zelf bepalen of de klacht pèr klachtonderdeel gegrond of ongegrond was en wat de reactie zal zijn.

Een ongegrond-verklaring dient draagkrachtig en kenbaar gemotiveerd te worden, maar daarvan hoeft niet veel verwacht te worden. Het kan zelfs een niet-legale reactie van de adoptiebemiddelaar betreffen.

Tot nu zijn er weinig klachten gegrond verklaard, op enkele heel lichte na. Een miniem excuus kan door de toezichthouder als voldoende beschouwd worden als 'erkenning' van de klachtwaardige gedraging.

Er is na een klachtenbehandeling géén beroepsmogelijkheid meer.

De vergunninghouder moet aangeven wanneer er nog een beroepsmogelijkheid bestaat bij de Nationale Ombudsman[2], wat alleen bij 'niet-ontvankelijkheid' mogelijk zal kunnen, daar een vergunninghouder in veel gedragingen, maar niet alle, gèèn overheidsorgaan is.

Dus de hoorsessies zijn –alhoewel discutabel van opzet– de enige mogelijkheid om de klacht echt duidelijk te maken en gemotiveerd toe te lichten. Een dìk klachtendossier, waar de vergunninghouder juist naar toe kan hebben gewerkt, kan verduisterend werken op de waarheidsvinding bij de klachtenadviescommissie; een dik dossier weerhoudt het commissielid het helemaal te bestuderen en de verbanden te zien, is de ervaring.

De vergunninghouder (en de KVIA) dient jaarlijks verslag te doen over alle binnengekomen klachten aan de toezichthouder. Echter hoe duidelijk de vergunninghouder dit moet doen is niet aan eisen gebonden. {Aan beleidsmakers: Wenselijk is per ingediende klacht(onderdeel) een heldere, inhoudelijke, beknopte omschrijving, en welke bemiddelaar het betreft vermelden}. Hierdoor worden nu nog de klachten te zeer summier en in de uitleg-vorm-van-de-vergunninghouder (versluierend) aangeleverd, als deze dit al doet.

De KVIA ziet meestal niet of een adoptiebemiddelaar een reactie geeft aan de klager; dit blijft ook hier buiten beeld van de beleidsmakers. De klacht of de reactie op een gegrondverklaring kort melden bij de Inspectie en ons kan van invloed zijn op het toekomstige beleid.

Het verdient aanbeveling om het jaarverslag bij de vergunninghouder en de KVIA aan te vragen en na te gaan of de klacht juist is weergegeven, en anders de Inspectie van deze bevinding(en) op de hoogte te stellen. De Inspectie kan niets meer doen dan waarnemen dat de hand gelicht wordt met klachtver­slaglegging en het ministerie adviseren het beleid te verbeteren. Dit is ook een oogmerk van de SSF, Adoptiezaken, Postbus 3045, 2130 KA Hoofddorp. Meldingen zijn dus welkom.

Maar er zijn meer kleine mogelijkheden:

Klagen via andere wegen, met de werking van ‘Melding’:

Bij klagen bij het Ministerie van Justitie, Directoraat-Generaal Preventie, Jeugd en Sancties, Postbus 20301, 2500 EH Den Haag, moet u de klacht zo stellen, dat ‘het ministerie verantwoordelijk is voor het toezicht over het naar wet en behoren handelen van de vergunninghouders’.

Ook hier gelden de regels van de Awb, hoofdstuk 9, alsmede de Beginselen van behoorlijk bestuur.

Het ministerie zal, indien de klacht zwaarwegend genoeg is, de inspectie een onderzoek laten doen. De inspectie kan slechts onderzoek doen naar handelingen genoemd in Wobka artikel 25, lid 1. Dat houdt in dat onderzocht kan worden naar handelingen genoemd in Wobka 16 en 20 t/m 23. Dat gaat achtereenvolgens over: de vergunningseisen, zoals zorgvuldige en doeltreffende uitvoering van diens werkzaamheden, die in Wobka 17a t/m 17e gespecificeerd zijn [16]; over: het bemiddelen [20], het inschrijven van de aspiranten [21 en 22], en over de administratie en informatie aan het ministerie [23]. De vergunninghouder geeft het ministerie informatie over uw case; bij de Centrale autoriteit kunt u uw dossier –rond een jaar na aankomst– opvragen om te controleren op juistheid {soms ook klachtwaardig!}.

Vanwege bezuinigingen zal het niet vaak voorkomen. Maar ook dan is de klacht een melding, een signaal.

Het verstrekken van onbetrouwbare gegevens kan reden zijn tot onderzoek, mits goed bewezen met bijlagen.

Ik verwijs naar de scriptie van C. Timmer “De aansprakelijkheid van een adoptiebemiddelaar” die per mai.l op te vragen is of te lezen op de site www.lava-ouders.nl, onder de link op de leden-site, en deels hieronder staat.

Het ministerie kan ook benaderd worden met gedetailleerde vragen (wat mag en wat niet).

De Nationale Ombudsman is bevoegd gedragingen van een overheidsorgaan te onderzoeken.

Dus moet de klacht ook hier zijn dat u het ministerie, immers verantwoordelijk voor het toezicht op legaal en betamelijk gedrag van een vergunninghouder, aansprakelijk stelt, onder vermelding van ‘KLACHT’. U moet om een oordeel vragen over de wijze waarop de minister toezicht heeft uitgeoefend op het handelen van de adoptiebemiddelaar. Daarom is ‘melden’ zo belangrijk, opdat het ministerie zich niet kan verschuilen achter het onbekend zijn van onbetamelijke gedragingen van vergunninghouders.

Klagen bij de Nationale Ombudsman kan jaren duren.

Ook hierover schrijft C.Timmer -hieronder- meer (zie LAVA-site), paragraaf 4.4.

!.

De termijn van één jaar om te mogen klagen, is rond "adoptie" vaak te kort. Om bijvoorbeeld te achterhalen wat met het adoptiekind aan de hand is, en na de tijd dat u opmerkzaam bent geworden op bijzonderheden, moeten verschillende, soms tijdrovende, onderzoeken gedaan worden. Dan is de komst naar Nederland ver achter u. Ook het opstellen van een klacht kost tijd. Eén jaar is dan snel om.

Helaas is het zo dat klachten, behalve relatief kleine, regelmatig 'niet-ontvankelijk' worden verklaard, of worden gebagatelliseerd. Soms kan er een excuusje af, maar denk niet dat dit echte gevolgen heeft voor volgende adoptiefouders. Klagen kost veel energie. Wanneer het u niet gaat om een klein excuusje, dan kunt u beter denken aan melden (aan ministerie, inspectie en ons), opdat wat u heeft meegemaakt, en mogelijk anderen voor u, een signaal is om het beleid te verbeteren. Ondermeer de LAVA werkt voor de cliënt-adoptiefouder aan beleidsbeïnvloeding.

Zie ook: http://myblog.de/adoptie voor enquête voor betere adoptiezorg !

TjS Afd.Adoptiezaken, Koenestr67'3958XEAmerongen



[1] zie de Memorie van Toelichting bij artikel 9:8 Awb, Tweede Kamer, vergaderjaar 1997–1998, 25837, nr. 3, via bibliotheek of gemeentehuis verkrijgbaar. Dit is aan te bevelen.

[2] : Er wordt gedoeld op de Memorie van Toelichting bij artikel 9:12 (en :16) Awb, Tweede Kamer, vergaderjaar 1997–1998, 25837, nr. 3, p. 22.

8.12.09 14:23


Aansprakelijkheid adoptiebureaus

ONDERZOEKSSCRIPTIE


De aansprakelijkheid van een adoptiebemiddelaar/ vergunninghouder/ adoptiebureau


Corona Timmer
Universiteit Utrecht
Februari 2005


Voorwoord

Dit onderzoek is geschreven in het kader van mijn afstuderen in de richting Privaatrecht aan de Faculteit Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Utrecht. Het onderzoek heeft als doel meer duidelijkheid te scheppen in het aansprakelijkheidsvraagstuk van adoptiebemiddelaars omtrent het onderzoek naar de afkomst en achtergrond van adoptiekinderen.

Het uiteindelijke resultaat van mijn afstudeeropdracht was niet mogelijk geweest zonder de hulp van meerdere personen. Ten eerste wil ik de heer R. Hoksbergen bedanken. Dankzij zijn enthousiasme ben ik in contact gekomen met veel mensen met een specifieke kennis op het gebied van adoptie en heb ik veel nieuwe informatie vergaard. Daarnaast wil ik de adoptiefouders bedanken die hun ervaringen met de adoptie van hun kind met mij wilden delen. Ook de adoptieorganisaties en adoptiebemiddelaars wil ik bedanken voor hun bereidheid al mijn vragen te beantwoorden. Ten slotte zou ik graag mijn scriptiebegeleider de heer A. van der Linden willen bedanken voor zijn steun en inzet tijdens het schrijven van mijn afstudeerscriptie.

Ik hoop dat u net zo geïnteresseerd bent in het lezen van mijn afstudeerscriptie als ik was in het schrijven ervan.

Corona Timmer
Utrecht, februari 2005

>>>>
Volledige tekst aan te vragen bij t.strubbe(et}onli>ne.nl - minus >
<<<<

6 Machtspositie

6.1 Inleiding

De adoptiebemiddelaar speelt een belangrijke rol in een adoptieprocedure. De adoptiebemiddelaar is de instantie die de lang gekoesterde wens van veel ouders, het krijgen van een kind, in vervulling kan laten gaan. Vanwege de bevoegdheid om een dergelijke wens in vervulling te laten gaan wordt wel eens beweerd dat een adoptiebemiddelaar een machtspositie heeft binnen de adoptiepraktijk.

In de voorafgaande hoofdstukken is de positie van adoptiefouders ten opzichte van de positie van een adoptiebemiddelaar verschillende keren kort aan de orde geweest. In dit hoofdstuk zal dieper ingegaan worden op de maatschappelijke posities van en de onderlinge verhoudingen tussen een adoptiebemiddelaar en de aspirant-adoptiefouders. Er wordt in kaart gebracht wat de maatschappelijke positie van de adoptiefouders is en van de adoptiebemiddelaar, of er gesproken kan worden van een machtspositie en de onderlinge verhouding tussen partijen wordt in kaart gebracht.

6.2 Maatschappelijke positie en onderlinge verhouding

In paragraaf 3.5.2 is aan de orde gekomen dat adoptiebemiddelaars in hun bemiddelingsovereenkomst clausules hebben opgenomen waarin zij hun aansprakelijkheid geheel of gedeeltelijk uitsluiten. Of een beroep op de clausule door de adoptiebemiddelaar in een aansprakelijkheidsprocedure gerechtvaardigd is hangt onder meer af van de maatschappelijke positie van en de onderlinge verhouding tussen de adoptiebemiddelaar en de (aspirant)adoptiefouders.

6.2.1 Maatschappelijke positie

Het grootste deel van de ouders die een kind adopteren behoren in de maatschappij tot de groep middelbaar/hoger opgeleide mensen. Dit blijkt uit een onderzoek naar de psychische gezondheid van adoptiefouders, waar honderdveertig adoptiefouders aan mee hebben gedaan. Van de honderdveertig adoptiefouders blijkt dat eenenvijftig procent hoger beroepsonderwijs of universitair onderwijs heeft gevolgd en negenendertig procent middelbaar beroepsonderwijs. Daarnaast blijkt uit het onderzoek dat de gemiddelde leeftijd van aspirant-adoptiefmoeders drieëndertig jaar is en bij aspirant-adoptiefvaders vijfendertig jaar is. In de praktijk hebben adoptiebemiddelaars te maken met adoptiefouders die goed opgeleid zijn en gezien hun leeftijd kennis van de maatschappij hebben.

De maatschappelijke positie van de adoptiefouders is tevens die van een kwetsbare groep. Het grootste deel van de adoptiefouders die besluiten een kind te adopteren kan zelf geen kinderen (meer) krijgen. Voordat de ouders tot het besluit komen een kind te adopteren hebben de ouders te maken gehad met een emotioneel traject. De ouders hebben veelal moeten verwerken dat zij niet op natuurlijke wijze een kind kunnen krijgen. Vervolgens besluiten sommige ouders kunstmatige inseminatie of In-Vitro-Fertilisatie te proberen. Wanneer ook deze moderne vruchtbaarheidstechnieken mislukken, krijgen de ouders wederom een tegenslag die zij moeten verwerken. Het krijgen van een kind is voor aspirant-adoptiefouders een emotionele gebeurtenis, waarbij zij voor veel dilemma’s hebben gestaan. Adoptie is de laatste mogelijkheid om een kind te krijgen. De ouders zijn wat betreft het krijgen van een kind erg beïnvloedbaar. De adoptiefouders zullen er alles aan doen om er voor te zorgen dat de kans op een kind niet in gevaar komt.

6.2.2 Onderlinge verhouding

Adoptiefouders zijn voor hun gezinsuitbreiding geheel afhankelijk van een adoptiebemiddelaar. Aspirant-adoptiefouders hebben de keuze om de adoptie te regelen via een adoptiebemiddelaar of via een zelfdoeprocedure. Bij een zelfdoeprocedure hebben aspirant-adoptiefouders het grootste deel van de bemiddeling in eigen hand. De aspirant-adoptiefouders doen in het land van herkomst zelf onderzoek naar een kind wat in aanmerking komt voor adoptie. De adoptiebemiddelaar speelt in de zelfdoeprocedure bij de totstandkoming van de adoptie een belangrijke rol. De adoptiebemiddelaar geeft op grond van een rapport van aspirant-adoptiefouders advies aan de Centrale autoriteit of de adoptie wel of geen doorgang moet vinden (art. 7a Wobka). In dit opzicht zijn de aspirant-adoptiefouders afhankelijk van een adoptiebemiddelaar. Wanneer aspirant-adoptiefouder de adoptie regelen voor een adoptiebemiddelaar zijn de adoptiefouders gedurende de gehele bemiddelingsprocedure afhankelijk van de adoptiebemiddelaar. Aspirant-adoptiefouders kiezen ervoor om de bemiddeling te regelen via een adoptiebemiddelaar. Een keuze kan het tegenwoordig niet altijd en in de toekomst steeds minder genoemd worden. Door het terugdringen van de mogelijkheid om zelf te bemiddelen inzake de opneming van een buitenlands kind worden aspirant-adoptiefouders verplicht de adoptie te regelen via een adoptiebemiddelaar. In het Haags Adoptieverdrag is opgenomen dat zelfdoen in landen die aangesloten zijn bij het verdrag niet meer mogelijk is. Naarmate steeds meer landen zich aansluiten bij het verdrag wordt zelfdoen steeds moeilijker gemaakt.

Anderzijds is de adoptiebemiddelaar voor zijn bestaan vrijwel geheel afhankelijk van het aantal bemiddelingen, dus van de ouders die een kind willen adopteren. De afhankelijkheid van de adoptiebemiddelaar is echter van een andere aard dan de afhankelijkheid van adoptiefouders. De vraag naar adoptie is de afgelopen jaren toegenomen. Door de toename van de vraag zal het aantal inschrijvingen bij een adoptiebemiddelaar stijgen. Tevens stijgt het aantal inschrijvingen doordat zelfdoen in veel landen, waaronder de verdragslanden, niet meer mogelijk is. Als gevolg hiervan ontstaan er wachtlijsten. Wanneer de adoptiefouders zich hebben ingeschreven bestaat er geen mogelijkheid om zich tevens in te schrijven bij een andere adoptiebemiddelaar. Willen ouders veranderen van adoptiebemiddelaar dan zullen de adoptiefouders onderaan de wachtlijst bij de nieuwe adoptiebemiddelaar komen te staan. Adoptiefouders zullen, gezien de lange procedure- en wachttijd, niet snel van adoptiebemiddelaar veranderen. Deze factoren veranderen niets aan de afhankelijkheid van de adoptiebemiddelaar van de adoptiefouders, maar wel in de onderlinge positie. De adoptiebemiddelaar bevindt zich in een luxe positie. Door de grote vraag naar adoptie zal het bestaan van de adoptiebemiddelaar niet snel in gevaar komen vanwege de afhankelijkheid van de aspirant-adoptiefouders. De adoptiefouders zijn meer afhankelijk van de adoptiebemiddelaar dan de adoptiebemiddelaar van de adoptiefouders.


6.3 Machtspositie?

etc.

. . . _ _ _ (m>ail ons)

.
17.2.09 12:02





De auteur is aansprakelijk en verantwoordelijk voor de inhoud van zijn of haar eigen weblog. neem een gratis weblog op 20six.nl!